Living Lab Circulair Schakelen

Bodemuitputting en erosie is een grote bedreiging voor zowel akkerbouwers, veetelers, water- en natuurbeheerders. Een van de GLB-oplossingen is het inzetten van hoogwaardige natuurlijke mest en compost. Op dit moment vertrekken er (noodgedwongen) teveel nutriënten en organische stof uit een agrarisch gebied. Maaisel en overige-groen blauwe reststromen van gemeenten en natuurbeheerders worden vaak tegen hoge kosten afgevoerd. Zelfs de mest van dieren die een gebalanceerde voeding krijgen wordt op dit moment vooral ge-exporteerd.

Met ruim 10 jaar proeven i.s.m. o.a. Wageningen UR kan aardappelteler Jacob van den Borne het belang van kwalitatieve mest en compost aantonen; hij heeft de data van vergelijkende proefpercelen om opbrengstverschillen aan te tonen. Door wetenschappers, provincie, waterschappen en ondernemers wordt erkent dat (versnelde) opbouw van organische stof in de bodem en het bemesten zo dicht mogelijk bij natuurlijke processen van vitaal belang zijn om verdroging en uitspoelingsrisico’s het hoofd te bieden. Om deze stromen (weer) in te kunnen zetten dient er met lokale stakeholders integraal naar het ecologisch en economisch verantwoord hergebruik van mest en reststromen gekeken te worden. In deze GLB-pilot wordt gewerkt aan twee deelprojecten met ieder een consortium van zowel landbouw als natuur stakeholders in twee gebieden ten zuiden van Tilburg en Eindhoven.


Het eerste traject is een samenwerking tussen akkerbouwer Jacob van den Borne uit Reusel, melkveehouder Frank Mijs-Craens uit Bladel, Eco Consult, The Weather Makers met feedback van Bosgroep Zuid Nederland en stichting Bijenoase. De focus ligt op een zo hoog mogelijke kwaliteit mest en emissiearme toediening. Telen op zand grond zonder chemische middelen is mogelijk als er integraal naar een geografisch gebied gekeken wordt; ziekten, plagen, schimmels, insecten kennen onze atlaskaarten niet. Door de bodem op orde te brengen ontstaan kansen om biodiversiteitsherstel te versnellen. Er wordt voortgebouwd op de ambitie om op 200 Ha kunstmestvrij te telen, sterkere gewassen en insectensnelwegen als buffer voor ziekten en aanwas voor natuurlijke plagenbestrijding. 

Het tweede traject is een initiatief van Ben Bruurs uit Hilvarenbeek. Hierin wordt samengewerkt met meerdere veehouders, Brabants Landschap, Waterschap de Dommel, Circulair Terreinbeheer en gemeente Hilvarenbeek. De focus ligt op van 5 verschillende reststromen uit veeteelt en natuur hoogwaardige compost betrouwbaar, valideerbaar en certificeerbaar beschikbaar te krijgen voor agrariërs en natuur. Stapsgewijs wordt in 2 jaar de praktijk gerealiseerd en bij succes is het direct een enorme ecologische, maatschappelijke en economische boost voor de regionale kringloop.

Deze 2 GLB-pilottrajecten zijn ‘’flagship’’ projecten van 2 studiegroepen. In online sessies en fysieke bijenkomsten worden kansen en dilemma’s van het behouden van mest- en reststromen in de Kempen behandeld richting praktische handvatten. De beide flagship projecten sluiten aan op in het gebied lopende experimenten uit andere provinciale, landelijke en Europese programma’s.

De sleutel van toekomstig beleid ligt bij adequate monitoring. Het Praktijkcentrum voor Precisielandbouw verzorgt de dataficatie en monitoring met sensoren. De vijf kempengemeenten huisvesten samen 700 agrarische ondernemingen. Het Huis van de Brabantse Kempen zorgt voor de werving van deelnemers, de organisatie van sessies en communicatie uitingen. Beide organisaties zijn gesprekspartner van ondernemers en stakeholders in het gebied.

In deze GLB-pilot aanvraag komen werelden bij elkaar. De kennis en ervaring om data gedreven agronomische processen te monitoren, de praktijkfrustratie van niet in te zetten mest- en reststromen en klimaatadaptatiemodellen van morgen; er is door het samenwerkingsverband contact gezocht met zowel The Weather Makers om mogelijke effecten van de pilots door te rekenen op gebiedsniveau als het KLIMAP (Klimaat Adaptatie in de Praktijk) traject waar proeven aan modellen en toekomstscenario’s getoetst worden.

Door data gedreven proeven te doen met kringlopen sluiten tussen akkerbouwers en veetelers én proeven te doen met reststromen van gemeenten, natuurbeheerders en waterschappen denken wij praktisch mogelijke regionale groen-blauwe kringlopen te kunnen sluiten en zo een zinvolle bijdrage te leveren aan de bodem, water en emissie uitdagingen waar ieder gebied in Nederland voor staat.



Doel van het project is de problemen aan te pakken via concrete pilots die het perspectief van de toekomstbestendige landbouw op hoge zandgronden demonstreren.

Concreet betreft het:

  1. Aantonen dat met een lokale nutriëntenkringloop met veehouders de kwaliteit van de bodem na elke teeltcyclus toeneemt én het verdienmodel van de boer overeind blijft.
  1. Aantonen dat in een lokale lokale nutriëntenkringloop met veehouders en reststromen uit het landschap de bodemkwaliteit én het verdienmodel van de boer te verbeteren is.
     
  2. Dat de bijdrage van de activiteiten op bodemkwaliteit, bodemleven, biodiversiteit en terugdringen emissies onderbouwt wordt met valideerbare data.
     
  3. De informatie uit de activiteiten en monitoringen te concretiseren is in KPI’s
     
  4. Dat alle kennis die opgedaan wordt in de pilot breed beschikbaar komt via de opleidingstrajecten en kennisinstelling.
Living Lab Circulair Schakelen, schakelt met waterschappen, natuurbeheerders, akkerbouwers en veetelers. 

De website van Circulair Schakelen is in de winter van 2022 in ontwikkeling. Meer info volgt. 

Living Lab Circulair Schakelen is het resultaat van de GLB Pilot Circulair Schakelen. 

Praktijkcentrum voor Precisie landbouw maakt gebruik van cookies. Bezoek je onze site, dan ga je akkoord met het plaatsen van Cookies. AKKOORD